Revenge of the Schrijfwijzen

Derde keer, goede keer, toch?

David die voor het eerst weer naar buiten mag (👍)

Traditie

Zoals sommigen onder jullie ondertussen al wel weten, ben ik dankzij mijn tijd in de lerarenopleiding fan geworden van het jaarlijkse dictee genaamd De Schrijfwijzen. Daarom is het intussen al de derde keer dat ik eraan deelneem. Het eerste jaar ging ik naar Westerlo en werd ik derde, vorig jaar trokken David en ik naar Herentals en eindigde ik er opnieuw derde, en dit jaar daalden David en ik, jawel, opnieuw samen af naar een bibliotheek in de buurt. Deze keer was dat de bib van Herselt; een die ons tot op heden nog onbekend was, ondanks het feit dat ik er vroeger in de buurt heb gewoond.

Ik had dit jaar graag gezien dat we met een groter groepje konden deelnemen. Zo vroeg Melissa vorig jaar al of ze mee mocht komen, maar er was helaas geen bib die voor ons allemaal bereikbaar was. Dat vind ik wel jammer, aangezien de ervaring mij geleerd heeft dat dit zóveel fijner is met gezelschap. Ik moest het dus maar opnieuw alleen doen met die David…


Onverteld onheil

Zoals alle goede avonden beginnen, begon deze met veel regen en twee mensen die hun weg niet kenden. Ik weet niet wat jij denkt, maar dat klinkt voor mij als het perfecte recept voor onheil. Daarbovenop waren we ook nog eens nerveus: we hadden elkaar afgevraagd op voorhand (met meer foutjes dan we stiekem wilden) en zagen veel te veel auto’s geparkeerd staan (Zouden ze hier allemaal voor het dictee zijn? Wat als dat een zaal van jewelste is?).

We waren al blij dat we het juiste gebouw binnenstapten. De bib van Herselt ligt namelijk in een sportcomplex, waar bordjes hangen voor zo goed als alle faciliteiten, behalve “de bibliotheek is deze kant op”. Er was niemand te vinden aan de balie. Het enige wat aanwezig was, was het licht van de tl-lampen. Gelukkig duurde het niet lang voor we een ander groepje verloren gelopen mensen zagen dat hier natuurlijk voor hetzelfde doel was (maar ook de weg niet wist), totdat er plots achter ons iemand tevoorschijn kwam die ons de juiste gang in leidde.


De cirkel is rond!

We kwamen aan bij het lokaal. Het was er maar een kleintje (daar ging alvast één van onze zorgen!), maar er zaten al enkele deelnemers neer. We voegden ons eraan toe en beseften dat we nog een goede twintig minuten hadden tot het werkelijk begon. Nog twintig minuten om elkaar af te vragen en meer gestrest te raken, dus.

We waren achter elkaar gaan zitten, aangezien de rest dat ook deed, waardoor het lokaal natuurlijk al snel vol zat en mensen naast ons kwamen zitten. De man die vroeg of hij mocht aanschuiven bij mij kwam mij bekend voor… Hé, is dat niet dezelfde deelnemer die tijdens mijn eerste editie in Westerlo óók al naast mij zat?

Hij dacht hetzelfde, want het kwam al snel ter sprake. We hadden toen ook al wat gepraat (aangezien ik toen in m’n eentje deelnam) en blijkbaar was dat al genoeg om herinnerd te worden. Zo namen we deze keer opnieuw naast elkaar deel aan het dictee: de cirkel is rond!


Verwaarloosde verwachtingen

Ieder jaar probeer ik goede voornemens te hebben. Ik wilde deze keer met een grote(re) groep gaan, wat niet gelukt is, maar misschien kon ik mijn voornemen om geen domme fouten te maken nakomen…

Voor het dictee kon starten, moesten de regels natuurlijk uitgelegd worden. Het werd al snel duidelijk dat het dictee ieder jaar veranderingen ondergaat: tijdens mijn eerste deelname was er geen sprake van een spelling bee, tijdens mijn tweede werd het plots gebruikt om een ex aequo op te lossen en nu is het blijkbaar een permanente vijfde ronde geworden. Zelfs als er een duidelijke top drie is, worden ze alsnog verplicht hun voormalige score achterwege te laten en ópnieuw te vechten voor de winst. Dat vond ik wat raar. Daarbij vind ik spellen in een doorlopende tekst véél anders dan luidop willekeurige woorden spellen onder strenge regels (niet aarzelen, niet stotteren, geen letters hernemen, …). Hoe denk jij hierover? David en ik schrokken er alleszins van en ik hoop stiekem alvast dat deze regel herbekeken wordt.

Je las misschien zonet “vijfde ronde” en dacht dat ik de vaardigheid van het tellen was verleerd. Dat is niet zo; er is namelijk ook nog een permanente vierde ronde toegevoegd! Over deze ben ik al een stuk lovender, aangezien het een vrijwillige ronde is die je score niet aantast, maar wel creativiteit stimuleert. Je krijgt namelijk de laatste paragraaf van het verhaal te horen, waarbij de voorlezer nét voor het einde stopt. Het is aan jou om er een eigen, creatieve twist aan te geven. De beste inzending wint een aparte trofee.


Bosages... Bossages... Bosschages? We kunnen er nog steeds niet aan uit.


Klaar... start!

Met deze nieuwe regels vlogen we erin. Tijdens de eerste luisterronde leek de tekst mee te vallen. Ik trok mijn woorden nogal snel terug toen we aankwamen bij het gedeelte waarin allemaal moeilijke diersoorten bovenkwamen. Weet jij wat een quetzal is? Nee? Wel, beeld je maar in dat je dan nog moest gokken of het ‘quetzal’ of ‘quetsal’ is. Dat waren namelijk de twee keuzes die je kreeg tijdens de tweede ronde waarin je wordt geconfronteerd met twintig woorden en steeds twee mogelijke schrijfwijzen (Hah, daarvan komt die titel dus!). Tegelijkertijd werden ons ook keuzes gegeven als ‘creëren’ of ‘crëeren’, wat dan weer als een lachertje aanvoelde.

Over het algemeen vond ik de moeilijkheidsgraad van deze editie veel breder dan de voorafgaande edities. Wat ik daarmee bedoel, is dat de woordenschat van de vorige edities steeds op één gelijke lijn van moeilijkheid lag. Deze keer leken de woorden meer uiteen te liggen en waren er dus zowel zeer makkelijke woorden (creëren, banaliteiten, beiden, …), alsook supermoeilijke: zo hebben David, ik en praktisch iedere andere aanwezige nog altijd ruzie met het woord ‘bosschages’.


Genoeg gezegd. Gewonnen of niet?

Ik zal jullie maar uit jullie lijden verlossen en ‘de pleister eraf trekken’ zoals men in het Engels zegt: David en ik hebben helaas niets gewonnen. Ik had nog zodanig gehoopt met mijn lange woord wat punten te sprokkelen en voor David gewenst dat hij met zijn creatieve aanvulling een prijs zou bemachtigen. Het mocht niet zo zijn. Wat we wel hebben gewonnen, was een supertoffe avond (hoe cliché dat ook klinkt).

Zeker nu David nog niet volledig kan terugkeren en aansluiten bij de contactmomenten, was het fijn er een keertje met hem tussenuit te zijn. Verder hebben we echt goed gelachen, al was het vooral met elkaars fouten.

Het dictee werd verbazingwekkend expressief voorgelezen (zodanig zelfs dat we de persoon in kwestie vroegen nogmaals voor te lezen en hem daarvoor met een extra applaus bedankten), al het aanwezige personeel was uitzonderlijk vriendelijk en sociaal, alsook de andere deelnemers. We waren in totaal met achttien, wat ik veel vond en zeker te merken was tijdens het schrijven (extra gezucht, meer geklaag maar ook meer gelach!).



Ik heb deze keer dus niet mijn voornemens kunnen waarmaken, hoe hard ik ook probeerde, maar dat was niet het belangrijkste, besef ik. Het fijnste aan de avond is nog steeds het kunnen lachen met vrienden én kennismaken met verschillende mensen uit de buurt. Toen ik David na afloop in de auto vroeg of hij volgend jaar nog een keertje zou willen gaan, antwoordde hij ‘ja’ en ik sluit me daar volledig bij aan.

 

Misschien winnen we volgend jaar iets? Misschien kom je wel eens mee? Misschien maken we domme foutjes, lachen we erom en leren we wat bij? Ik kan alvast 'ja' antwoorden op minstens één van deze vragen.

 

Ik kijk er alvast opnieuw naar uit. Hopelijk jij ook!

 

Joren

Reacties

  1. Hey Joren

    Ondanks mijn destijds nog net iets wankelere toestand heb je me alsnog weten te overtuigen om mee te gaan naar deze jaarlijkse taalworstelmatch.
    Tweede keer voor mij, derde keer voor jou: traditie in the making, indeed.
    En ja, alleen al voor die expressieve voorlezer was het de moeite: echt een ‘gezellige mens’, die achteraf ook nog de tijd nam om met iedereen een persoonlijk babbeltje te slaan.
    Maar dan…
    Bij de titel sloeg bij mij de twijfel al meteen toe: “graffiti… grafitti (intern gevloek)… dat zal wel van grafisch komen, zeker?” “Dus één f en twee t’s?”—mijn brein: “Ja, tuurlijk.”
    Mijn totaal onkritische pen: “Oké, we schrijven het zo.”

    Maar zo komt mijn liefde voor etymologische weetjes dan weer bovendrijven: ‘graffiti’ komt van het Italiaanse ‘graffio’, letterlijk: ‘een kras’.

    Vervolgens de woorden waarvan je na herlezen denkt: "Hoe heb ik dit in hemelsnaam fout kunnen schrijven?" Ik beken: ik schreef ‘überhaupt’ zonder umlaut en—shame on me—met een b voor de t. De autocorrect in mijn hoofd had duidelijk een snipperdag.

    Over de avond zelf: helemaal mee eens – warm (ook al matcht een sporthal niet goed met een bib in mijn hoofd), goed georganiseerd, supervriendelijke mensen.
    En petje af voor de winnaar, een man ‘duidelijk op leeftijd’: klasse hoe scherp hij nog is, en duidelijk een bekend gezicht in de Herseltse bib. Was hij niet degene die een foutloos dictee neerpende?

    Raar dat je alleen ‘bosschages’ aanhaalt in je blogpost. Had je ‘prakkiseren’, ‘quetzal’ en ‘konterfeitsel’ dan wel allemaal juist? 😂

    Topavond! Veel gelachen — vooral met elkaars schoonheidsfoutjes en de voorlezer met gevoel voor humor — en ik merk dat zo’n dictee me telkens weer aanspoort om te blijven werken aan spelling.
    Ik kan ondertussen niet meer normaal lezen… op elke pagina van eender welk boek sta ik wel even stil bij de schrijfwijze van een bepaald woord. Nu gewoon nog even een fotografisch geheugen ontwikkelen en dan ben ik klaar voor volgend jaar, want dan ben ik er natuurlijk graag opnieuw bij.

    Dankjewel om me mee uit mijn kot te trekken!

    David

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Dag Joren

    Omdat ik dit jaar aan de andere kant van de tafel zat bij dit dictee, namelijk de kant van de jury, vond ik het fijn om je blog te lezen en kon ik er niet aan weerstaan om een reactie te posten. Er zaten inderdaad een paar venijnige instinkers in. Toen ik de tekst van het dictee in mijn mailbox kreeg en de eerste keer las, vond ik het er helemaal niet zo moeilijk uitzien. Maar ja, het is anders als je de juiste schrijfwijze voor je neus krijgt, en er zelf niet over na hoeft te denken. Ik geef dan ook grif toe dat ik het woord bosschages waarschijnlijk even fout geschreven zou hebben als jullie.

    In elk geval was het een erg fijne ervaring om de dictees te verbeteren, maar de moeilijkste opdracht was die originaliteitsronde. Onze deelnemers leken wel begrepen te hebben dat ze om ter vulgairste zin moesten maken. Uiteindelijk hebben we maar een stuk of drie inzendingen laten meedingen voor de winst; de rest was echt ongepast. En als zelfs ik dat al vind, dan wil het al iets zeggen.

    De ronde van dat langste woord was ook een bijzondere ervaring. Er stond duidelijk aangegeven welke letters niet gebruikt mochten worden; de letters van DAG KOOPMAN. Ook hier leken enkele deelnemers vastbesloten om deze letters zo vaak mogelijk te laten voorkomen in hun woord.

    Misschien oordeel ik te hard. Ik heb namelijk zelf nooit deelgenomen aan 'De schrijfwijzen'. De eerste keer was ik te laat om in te schrijven, vorig jaar kon ik helaas niet op die datum. Dit jaar wou ik me inschrijven, net op het moment dat me gevraagd werd om in de jury te zitten.

    Als ze me volgend jaar opnieuw vragen, doe ik het meteen! Maar anders ben ik sowieso één van de deelnemers. Ik vind hier bij mij in de buurt geen kandidaten om mee te gaan, dus het zou ook sowieso een eenzaam evenement worden; misschien moet ik eens wat verder rijden en me bij jullie aansluiten. Het is dan dat we eens op een eerlijke manier zullen zien of mijn spellingsskills echt zo goed zijn als ik van mezelf dacht toen ik de tekst las.

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten