(on)gelijke onderwijskansen

Het nieuwe schooljaar is intussen al even bezig voor basis- en middelbare scholieren, maar hoe zit het met hun onderwijskansen?


GOK-indicatoren, weet je het nog?

Vorig academiejaar leerden we tijdens het OPO ‘Onderwijs op maat’ over gelijke onderwijskansen en daarbij ook de ‘GOK-indicatoren’, waaronder de thuistaal van de leerling, het ontvangen van een schooltoeslag, het hoogst behaalde opleidingsniveau van de moeder, of de leerling buiten het eigen gezinsverband wordt opgevangen en of de ouders tot de trekkende bevolking behoren. (Kende je ze nog?)

Ik was benieuwd hoe de situatie ervoor stond in mijn gemeente Geel. Laten we dus samen een kijkje nemen!


In de basisscholen...?

Het artikel in kwestie spreekt over vier indicatoren in het basisonderwijs en laat daarbij de verblijfplaats van de leerling achterwege, maar spreekt wel over de buurt waarin de leerling opgroeit. De meest voorkomende indicator in het schooljaar 2023–2024 was het ontvangen van een schooltoeslag, met 1.316 leerlingen oftewel 34% van het totaal aantal leerlingen. Zelf was ik ook één van die leerlingen, dus ik kan begrijpen waarom het percentage zo hoog ligt vergeleken met de andere indicatoren. Zo telt de tweede meest voorkomende indicator, namelijk de thuistaal van het kind dat niet Nederlands is, 617 leerlingen oftewel 15,9%. Kort daarachter met 595 leerlingen oftewel 15,4% volgt het aantal leerlingen met een laagopgeleide moeder. Zelf had ik oorspronkelijk gedacht dat een laagopgeleide moeder vaker voorkwam dan de thuistaal die niet het Nederlands is. De laatste indicator waarover gesproken wordt, is of de leerling opgroeit in een buurt met schoolse vertraging. Die telt 144 leerlingen oftewel 3,7%. Er is dus een opmerkelijk verschil in de frequentie waarmee deze indicatoren worden vastgelegd, wat niet betekent dat ze niet allemaal aandacht verdienen.


En in Vlaanderen dan?

Al deze percentages worden ook gebundeld, waarbij ze een algemene ‘waarde’ vormen die tussen 0 en 4 kan liggen. Hoe dichter bij de 4, des te meer leerlingen zich in een moeilijke situatie bevinden. In Geel vinden we voor de basisscholen een waarde van 0,69. Dat lijkt weinig, zeker in vergelijking met het Vlaamse gemiddelde van 1,04. Merk op dat we elf jaar geleden (2013–2014) een waarde van 0,45 telden, wat dus toont dat het cijfer wel degelijk aan het stijgen is, zelfs als de toename op het eerste gezicht beperkt lijkt.


Serieuze situatie in het secundair

In het gewoon secundair onderwijs vinden we een waarde van 0,73 en een Vlaams gemiddelde van 1,05. Het gemiddelde ligt dus niet veel hoger, maar de individuele waarde is significant groter dan in het basisonderwijs. Ook elf jaar geleden lag het cijfer al opmerkelijk hoger met 0,62. Je kan er dan ook van uitgaan dat de indicatoren onderling frequenter voorkomen: zo zijn er 1.915 leerlingen oftewel 37% met een schooltoelage, 994 leerlingen (19,2%) met een laagopgeleide moeder, 599 leerlingen of 11,6% die thuis geen Nederlands spreken en 265 leerlingen (5,1%) die in een buurt wonen met opmerkelijke schoolse vertraging. Zowat alle indicatoren komen frequenter voor in het algemeen secundair onderwijs, met de uitzondering dat er meer middelbare scholieren het gewoon zijn om thuis Nederlands te spreken.


Zorgwekkende cijfers

Hoewel het dus nog kan voelen alsof deze cijfers redelijk laag liggen, zeker als er vergeleken wordt met het Vlaamse gemiddelde, kan ik er toch niet naast kijken. Het is duidelijk dat de getallen gestegen zijn over de jaren heen, alleen wordt er niet getoond hoe deze fluctueren en in hoeverre de aanwezigheid van de indicatoren inderdaad overeenkomt met een moeilijke (thuis)situatie voor de leerling. Ook denk ik ergens dat het net goed is om een stijging in deze cijfers te zien, want dat betekent dat er steeds meer leerlingen van een minder sociaal-economisch bevoordeelde afkomst onderwijs (kunnen) volgen. Alleen is het dan jammer dat net deze leerlingen meer geneigd zijn om uitdagingen op hun pad tegen te komen.


Hoe zit het bij jou?

Natuurlijk bestaat er niet enkel een artikel voor de gemeente Geel, maar kan je ook je eigen gemeente opzoeken en een kijkje nemen. Nu we deze indicatoren en het decreet van de gelijke onderwijskansen beter begrijpen, lijkt het mij nuttig om een beeld te krijgen over hoe het eraan toe is in je eigen regio/de omliggende regio’s. Misschien dat het ook naar je stage toe kan helpen om een idee te hebben wat er mogelijk allemaal kan spelen in het leven van je leerlingen, zolang je deze indicatoren maar niet laat bepalen hoe je hen ziet.


Wil je ook een kijkje nemen? Hier heb je alvast de link naar het artikel over Geel, waar je onderaan kunt zoeken naar je eigen gemeente.


Joren

Reacties